Tour de France - (Tirreno) Knappe inhaalrace Gesink lukt net niet

Robert Gesink rijdt sterk op de zwaarste col van de Tirreno, maar mist net de beslissende vlucht.

Robert Gesink (foto) maakte voor de derde dag op rij indruk in de Tirreno-Adriatico. Op de zwaarste col van de hele ronde, de 1455 meter hoge Sasso Tetto, werd de Rabokopman door een aanval van vier sterke Italianen snel in het defensief gedrongen. Gesink leek met een indrukwekkende opmars aan te sluiten bij het viertal, maar slaagde net niet in de opzet. Uiteindelijk finishte hij in de groep van klassementsleider Adreas Klöden. De Italiaan Michele Scarponi won de etappe en nam de leiderstrui over van Klöden.

Voor de tv-kijkers in Nederland en België was de beklimming van de Sasso Tetto door het rommelige geschakel van de Italiaanse regisseur van de RAI hartstikke onoverzichtelijk. Lange tijd was onduidelijk op welke positie Gesink reed, nadat vier Italianen al aan de voet waren gaan versnellen. En niet de minsten. Ivan Basso, Stefano Garzelli, Michele Scarponi en Vicenzo Nibali reden weg van de concurrentie. En ook van Robert Gesink, die juist aan de voet een slecht moment kende. `Robert gaf aan, dat hij aan het begin moeite had om in zijn ritme te komen`, verklaarde ploegleider Frans Maassen. `Maar hij kwam al snel op stoom.`

`Zelfde benen als op Mont Ventoux`
Zo goed zelfs, dat Gesink solo bijna 20 renners passeerde en een achterstand van maximaal 1 minuut en 32 seconden op de vier vedetten vrijwel wegwerkte. Op drie kilometer van de top bedroeg de marge nog maar acht tellen en leek de aansluiting van Robert slechts een kwestie van tijd. `Ik had dezelfde benen als vorig jaar op de Mont Ventoux in Parijs-Nice. Het ging erg goed, tot het laatste stukje dan`, zuchtte de renner zelf na de koers. Met het laatste stukje doelde de kopman op de laatste twee steile kilometers. Hij reed alleen en kreeg het daar weer moeilijk. `Ik kon ze bijna aanraken, maar het laatste gaatje kreeg ik net niet dicht. Op twee kilometer van de top ontplofte ik. Op de top kwamen de anderen weer bij me terug.`

Frans Maassen: `Ik was er van overtuigd, dat hij er zo naar toe zou rijden. Het was indrukwekkend. Maar plotseling kreeg hij het toch lastig. Hij plafonneerde een beetje. Logisch, want hij reed bijna de hele klim alleen. Toen was het wikken en wegen wat te doen. Op de top was het nog meer dan veertig kilometer en de groep Klöden zat niet ver achter Robert. Hij heeft toen gewacht, want we dachten dat ze er in de afdaling zo naar toe zouden rijden, maar dat lukte dus niet meer.`

Klöden was zelf kennelijk al blij, dat hij kon volgen in het groepje met onder anderen Robert Gesink en een andere favoriet Danilo di Luca. De Duitser liet het achtervolgingswerk op de vier leiders over aan zijn ploegmaat Iglinsky en die kreeg het gat niet meer dicht. Steun van anderen kreeg de klassementsleider pas in de finale, toen er nog kleine kansen op een ritzege waren. Maar het was onvoldoende. Op de slotklim naar de finish spatte het groepje nog uit elkaar. Robert Gesink werd zeventiende op 1:22 van Scarponi. De Rabokopman klom naar de elfde plaats in het klassement. Meer lezen