Tour de France - (Oostenrijk) Handbreuk Löwik na lekke band

De eerste echte etappe van de Ronde van Oostenrijk is in sportief opzicht niet slecht verlopen voor het Rabo ProTeam. Robert Gesink eindigde in de kopgroep van zeventien man, van wie Paolo Bettini de sprint won. Wel draaide de eerste dag uit op een dramaatje voor raspechvogel Gerben Löwik (foto). Hij viel bij de afdaling van de voorlaatste col door een lekke band. De val was niet eens zo ernstig, maar Löwik kwam zo ongelukkig terecht, dat hij daarbij een scheurtje in zijn rechterhand heeft opgelopen. De hand is in het gips gezet. De renner keert dinsdag terug naar huis. 

Eerder dit seizoen liep Löwik in de E3 Prijs een scheurtje in zijn linkerpols op bij een val na drie kilometer koers. Daarna stond hij wekenlang op non-actief. In mei en juni reed hij wel de Giro d`Italia. Hoe lang hij nu buitenspel staat, is nog onduidelijk. `Het kan meevallen vertelden de doktoren in het ziekenhuis, want het is geen echte breuk, maar een scheur bovenop het bot`, meldde Löwik zelf vanuit het Noorditaliaanse Toblach. `Over vijf dagen moet er weer een foto worden gemaakt. Het kan dat het er dan beter uitziet. Daar klamp ik me nu aan vast, want verder staan de tranen mij in de ogen. Dat dit mij nu weer moet overkomen. Diep en diep triest.`

`Dit is rampzalig`
De renner voelde zich de laatste tijd steeds beter en wist dat voor hem een belangrijke periode aanbrak. Zijn contract loopt immers af. `Ik was er op gebrand iets te laten zien. Het was een hele belangrijke periode. Dit is dan ook rampzalig. Nu zullen er wel weer mensen zijn, die roepen dat ik een brekebeen ben, maar die moeten dan eerst maar eens de feiten kennen.` In de voorlaatste afdaling merkte Löwik vlak voor een bocht dat zijn voorste tube leegliep. Hij verminderde vaart en kon niet meer bijsturen. `Het was een wonder dat ik de vaart eruit kreeg zonder te vallen. Vervolgens ging het als in slowmotion. Ik reed misschien vijf kilometer per uur, maar kon me net niet rechthouden. Daarna viel ik heel langzaam om en daarbij moest ik me opvangen op mijn hand. Ik heb verder geen schrammetje. Helemaal niks. Ik noem het domme pech en niks anders.`

Ook ploegleider Adri van Houwelingen treurde met zijn renner mee. Na enkele uren in het ziekenhuis te hebben doorgebracht, was Van Houwelingen nog steeds van mening, dat Löwik wel een hele dikke pechvogel is. `Het is gewoon hele domme pech en niets anders. Hij heeft verder helemaal niets. Geen enkel schrammetje.` Löwik haalde de finish nog wel. Hij bedwong ook de laatste col, van eerste categorie, en wist in de afdaling in zijn eentje nog aansluiting te krijgen met een stevige `bus`. Löwik: `Op hangen en wurgen heb ik daarna het einde gehaald, want het deed verrekte zeer. Nu kan ik alleen nog maar hopen.`

Gesink rijdt goed
Door de pech van Löwik raakte het goede rijden van de ploeg in de eerste bergetappe een beetje op de achtergrond. Robert Gesink finishte dus in de kopgroep. Minder dan een minuut achter Gesink eindigden Bauke Mollema en Marc de Maar bij de achtervolgers. De verbazende De Maar reed op de laatste col met een lengte van 28 kilometer zelfs lang in een groep van slechts vijf renners kort achter de koplopers. Gesink bereikte de top van de col van eerste categorie in het gezelschap van vijf renners onder wie Rebellin en Gusev. Op een halve minuut achterstand volgden elf renners onder wie Paolo Bettini. De elf achterhaalden de zes vluchters in de afdaling. In de sprint won Bettini duidelijk. Gesink sprintte niet mee en werd twaalfde. 

Dinsdag volgt een etappe met aankomst op de Kitzbühler Horn, na acht kilometer klimmen met percentages tot 15%. `Die etappe is nog het meest geschikt voor een dagsucces van Robert. We gaan het zeker proberen`, kondigde Van Houwelingen maandag enthousiast aan. `Of het lukt is een tweede. Robert was vandaag goed, maar hij vond zichzelf niet de beste klimmer van de zes op die laatste col. Het ging niet van harte, maar hij zat er wel bij. En wat vandaag niet zo was, kan morgen best wel eens wel zo zijn.` Meer lezen